Inhoudstafel :
Beste lezer,
Sterke persoonlijkheden zijn het: Sara, Pati en Patricio van onze Ecuadoraanse
partner ForoUrbano. Twee straffe madammen en een straffe meneer, die heel wat
indruk maakten op de mensen die ze hier tijdens hun verblijf in België
ontmoetten. Dat waren in de eerste plaats de mensen van het ziekenfonds FSMB,
met wie ze een solidariteitsband hebben – en dat is geen liefdadigheidsband!
Ze krijgen een massa mensen op de been, schrijven mee aan de grondwet, wegen op
het beleid. Ze zeggen waar het op staat, met een enorme bevlogenheid, en gaan
voor verandering, met een bewonderenswaardige daadkracht. Typisch een fos-partner!
Annuschka Vandewalle
Algemeen Secretaris fos-socialistische solidariteit
FOSFOR: inhoudstabel
Stelling “Als gewone gebruiker kan ik een luisterend oor vinden voor mijn
klachten over de werking van de gezondheidsdiensten in mijn land.”
Noord: De mutualiteiten spelen hierin een grote rol. Ze nemen het op
voor de patiënt. Gebruikers van de gezondheidszorg zitten vaak in een zwakke
positie. Daarom kunnen ze met hun klachten rond ziekenhuisfacturen,
supplementen, voorschrijfgedrag, enz. terecht bij de sociale, juridische of
medische diensten van de mutualiteit. Bij een privatisering zou dit een stuk
moeilijker liggen. De Socialistische Mutualiteit wil een degelijke, solidaire en
betaalbare gezondheidszorg voor iedereen.
Eddy Vandenbosch, coördinator socio-cultureel Socialistische Mutualiteiten
Brabant
Zuid: Of je gehoor vindt, hangt af van de aard van de klacht. Maar
algemeen kan je stellen dat je geen gehoor vindt met één klacht van één persoon.
Dat gebeurt wel als je als organisatie die klachten overmaakt aan de instanties.
Wij formuleren niet enkel klachten, maar stellen ook oplossingen voor. Dat is
een oefening in inspraak, een proces waartoe we de mensen willen krijgen. Beetje
bij beetje leren de instanties ook dat ze inspraak zullen moeten dulden.
Nochtans is die inspraak logisch, want het gaat om publieke diensten. En die
zijn van iedereen.
Sara Proaño, gezondheidscoördinator ForoUrbano
Sluit je aan bij de fos-groep op
www.facebook.com
en zet de discussie verder!
FOSFOR: inhoudstabel
Van de straatverkoopster in de volkswijk tot de burgemeester van
Quito: heel wat mensen zetten hun schouders onder de sociale revolutie die
vandaag in Ecuador plaatsvindt. Ook de fos-partners voelen de wind in de zeilen.
Maria Ambuludí woont in de Ecuadoraanse hoofdstad Quito. Ze is 50 jaar en moeder
van drie volwassen kinderen. Maria werkt hard: “Ik help mijn dochter in haar
straatwinkeltje, waar we van alles en nog wat verkopen. Maar ik ben ook naaister
en doe nog steeds naaiwerk op aanvraag.” Ze heeft geluk, want er is weer vraag
op de binnenlandse markt. Dat komt door de hogere douanetarieven die de
president heeft opgelegd: die ontmoedigen de invoer van goedkoop textiel uit het
buitenland. Maria behoort tot de armste laag van de bevolking in Quito en kan
niet rekenen op sociale zekerheid. Dat is enkel weggelegd voor de mensen die
formeel bij een werkgever tewerk gesteld zijn, nog geen derde van de actieve
bevolking. Maar tegenwoordig hebben mensen zoals Maria, de gewone Ecuadoranen,
wel het recht om gratis een beroep te doen op gezondheidszorg. Vroeger lag dat
anders: een doktersbezoek kostte 5 dollar, en dan had je de medicatie nog niet.
Onbetaalbaar voor veel Ecuadoranen. Vandaag is de meeste medicatie gratis en
krijgen de dokters een loon van de staat.
Doktersmentaliteit
Heeft iedereen daarmee nu wél toegang tot gezondheid? We vragen het aan Sara
Proaño, actief bij Mujeres por la Vida (Vrouwen voor het Leven), die deel
uitmaken van ForoUrbano. Deze fos-partner is een netwerk van organisaties die
ijveren voor onderwijs, huisvesting en natuurlijk ook gezondheid van de armste
lagen van de bevolking in de grote steden. “Iedereen heeft recht op gezondheid,
en dat is zeker een grote verovering, maar in de praktijk scheelt er nog heel
wat,” zegt Sara. “De gezondheidspost is gesloten, of de dokter is er niet, wat
vooral in afgelegen gebieden voorkomt. En als de dokter er wel is, staan er
enorme wachtrijen. Die duiken steeds vaker op, zeker nu het echt gratis aan het
worden is. De mensen staan soms om 2 uur ‘s nachts op om tijdig in de rij te
staan, maar toch zijn de volgnummers om een dokter te zien, al uitgeput. Soms
moeten ze tot vier keer teruggaan vóór ze een nummer krijgen.” Wat Sara en
ForoUrbano echter het meest tegen de borst stuit, is de mentaliteit van de
dokters. “Ze hebben het gevoel dat ze voor een peulschil werken en voelen zich
daar te goed voor. Sommige dokters trappen het na drie of vier patiënten af en
gaan naar hun privépraktijk, waar ze tot 10 keer meer verdienen.” Er zijn ook
gevallen bekend waarbij scanners twee maanden in gebruik zijn, dan ‘stuk gaan’
(lees: gesaboteerd worden). De dokters verwijzen de patiënten dan door naar de
privékliniek, waar een scan 400 dollar kost.
Sociale controle
Dit soort wantoestanden klaagt ForoUrbano niet enkel aan, ze formuleren ook
voorstellen over hoe het beter kan. Dat kunnen ze maar doen dankzij de sociale
controle en de basisorganisaties die daarvoor zorgen, zoals de
‘gebruikersgroepen’. María Ambuludí zit in de gebruikersgroep van haar wijk in
Quito. Haar motivatie: “Totnogtoe werkte ik voor mezelf en hielp ik mijn
kinderen en familie, maar de kinderen zijn nu groot en het is tijd om ook andere
mensen te helpen. Ik hou van politiek en toen men opriep om in onze wijk een
gebruikersgroep op te starten, was ik direct kandidaat.”
De harde kern van haar groep bestaat uit 28 mensen maar op de vergaderingen zijn
ze gewoonlijk een 40-tal. Ze vergaderen maandelijks op een zaterdagmiddag in
Maria’s garage, die ze wat hebben schoongemaakt en geschilderd. Dan overleggen
ze over wie hulp nodig heeft bij het zoeken van een woning, hoe ze rolstoelen
gaan verkrijgen voor mensen van de derde leeftijd, hoe studiebeurzen voor
kinderen, het organiseren van workshops over huiselijk geweld, van vormingen
over gezondheid. “Nu willen we ervoor zorgen dat we een goede opleiding krijgen,
zodat we degelijke sociale controle op de gezondheidscentra kunnen uitoefenen.
Dan kunnen we op basis van bewijzen gaan reclameren bij het bestuur van de
gezondheidspost,” aldus Maria. “Maar zo’n opleiding duurt drie dagen en brengt
ook enkele kosten met zich mee. Om die te kunnen dekken, organiseren we
activiteiten, zoals eten verkopen.” Nu zondag (in oktober, nvdr) zullen ze in de
wijk ook hun eerste Gezondheidsmarkt organiseren.
“Gezondheidsmarkten zijn altijd op zondag,” zegt gezondheidspromotor Narcisa
Mera, die al aan een 100-tal gezondheidsmarkten heeft meegewerkt. “Dat moet zo,
want de zondag is heel dikwijls de enige dag die de mensen vrij hebben om voor
hun gezondheid te kunnen zorgen. Van maandag tot zaterdag werken ze en de
gezondheidsposten zijn gesloten op zaterdag en zondag. Toch drukken we er bij de
mensen op aan om tijdig naar de gezondheidscentra te gaan en niet alleen te
wachten tot er weer eens een gezondheidsmarkt is. Wat ook zeer belangrijk is
dat, dank zij de gezondheidsmarkten, de dokters “uit hun kot” komen en zo de
sociale werkelijkheid beter leren kennen.” De behandelingen die de mensen het
meest aantrekken op de gezondheidsmarkten zijn tandheelkunde voor de kinderen,
bloeddruk- en glucosemeting voor de volwassenen en familieplanning voor de
jongeren.
De gezondheidsmarkt van Maria’s groep zal een zestal stands hebben: over
tandhygiëne, borstkanker en andere gezondheidsthema’s en ook een stand voor hun
gebruikersgroep. “We gaan nu van huis tot huis om de mensen uit te nodigen voor
onze Gezondheidsmarkt,” legt ze uit. Waar ze al die energie vandaan haalt? “Ik
ben zeer gelukkig met wat ik doe, want ik help de mensen graag.”
Zelfrespect
ForoUrbano grijpt elke gelegenheid aan om mensen zoals Maria te organiseren. Dat
ligt niet voor de hand, volgens Patricio Endara, coördinator van ForoUrbano:
“Het gaat om zeer arme mensen, die vaak leven met minder dan 1 dollar per dag.
Die zijn in de eerste plaats bezig met eten op tafel brengen, met overleven.”
Het belang van deze basisgroepen is niet te onderschatten. “We geloven er heel
sterk in dat je die organisaties moet versterken als je verandering wil. De
mensen werken zélf aan huisvesting, opleiding en gezondheid, en winnen daarbij
ook zelfrespect. We vormen ook lokale leiders, die voor inspraak in de lokale
politiek kunnen zorgen,” zegt Patricio. Heel wat mensen in het netwerk zijn
politiek actief. Sara is eerste opvolger van een schepen in Quito, en de nieuwe
burgemeester is zelfs een van de medestichters van ForoUrbano. “Maar ook hij kan
niet veel doen zonder basisorganisaties die hun rechten opeisen. We hebben
elkaar nodig en moeten er samen voor gaan.”
12 jaar revolutie
Alle ogen zijn op Quito gericht, maar de wind van verandering waait door heel
het land. Waar komt die plots vandaan? Ecuador was sinds jaar en dag een land
waar een kleine elite de landbouwgrond in handen had en volop koffie, bananen,
cacao enz. voor de export produceerde. Deze elite kreeg gaandeweg ook andere
natuurlijke rijkdom in handen, zoals de petroleum die in de jaren zeventig
ontdekt werd. Er waren ook plannen om de elektriciteitsmarkt en zelfs het water
te privatiseren. “Ons land is niet arm, maar de mensen worden er wel arm
gehouden,” zegt Patricio. “De biodiversiteit en de natuurlijke rijkdommen zijn
enorm, maar de gewone mensen plukken de vruchten van die rijkdom niet.” De
afgelopen 30 jaar had die elite ook de politieke macht in handen. Huisvesting,
gezondheid of onderwijs waren voor hen geen prioriteit.
Maar allerlei organisaties van vrouwen, boeren, studenten en indianen boden
weerstand. Op minder dan 12 jaar tijd werden niet minder dan 3 neoliberale
presidenten van de macht verdreven door deze volksopstanden. Intussen staat de
linkse president Correa al bijna drie jaar aan het roer. Hij heeft gebroken met
het verleden. Onder zijn beleid zijn de uitgaven voor gezondheid en onderwijs
verdubbeld – al is dat voor gezondheid nog steeds maar de helft van wat er
eigenlijk nodig is. De petroleuminkomsten gaan nu wel naar sociale uitgaven.
Nooit geziene organisatie
Maar de grootste verandering tot nog toe is ongetwijfeld de nieuwe grondwet, die
vorig jaar werd ingevoerd na een nooit geziene organisatie van inspraak van het
volk. ForoUrbano en de leden van het netwerk zijn een paar van de talloze
organisaties die de gewone mensen mobiliseerden om eraan mee te werken. “Het
resultaat is een grondwet die de mensenrechten omvat, maar ook andere,
revolutionaire rechten: de rechten van de natuur, het recht op water, het recht
op een leefbare stad op mensenmaat,” aldus een trotse Patricio. Maar hij maakt
meteen een kanttekening. “De nieuwe grondwet is een kompas: hij toont de weg
waar we naartoe willen, niet wat er al is. Het proces kan in duigen vallen als
de mensen niet snel concrete veranderingen zien. Dat is waar de rechtse media
ook op azen. Ze aarzelen niet om elke manifestatie af te schilderen als een
gewelddadige revolte. Het is een krachtmeting tussen de rechtse krachten en het
volk.”
Grondwet in zakformaat
Misschien is het belangrijkste resultaat wel dat de kloof tussen het volk en de
politiek kleiner is geworden. Heel wat mensen blijven de politiek volgen,
blijven participeren en hebben de grondwet op zak – letterlijk! “Het is voor het
eerst in de geschiedenis dat zelfs de meest afgelegen boer de grondwet in handen
heeft. Die is in allerlei vormen verschenen: in zakformaat, met tekeningen, als
krant of als tijdschrift, een jongerenversie. Met ForoUrbano deelden we op een
gegeven moment tot 8000 exemplaren per dag uit in Quito: aan de bushaltes, aan
straatverkopers, enz. De mensen beschouwen het als hún grondwet, en dat is ook
nodig, zo zijn ze immers ook bereid om te waken over de toepassing ervan,” aldus
Sara. Want de toepassing van al die mooie principes, daar draait het inderdaad
om.
Ecuador in cijfers
Ecuador telt ruim 13 miljoen inwoners. 0,5% van de Ecuadoranen bezit
30% van de nationale rijkdom. Terwijl haast de helft (46%) van de
bevolking onder de armoedegrens leeft. 69% van de bevolking die op het
platteland leeft, is arm. Een gemiddelde arbeider die 240 dollar per
maand verdient, geeft 200 dollar per maand uit aan eten, terwijl een
‘basiskorf voedsel’ 483 dollar kost.
De petrodollars vormen samen met het geld dat emigranten naar huis
sturen maar liefst 70% van ’s lands inkomen. Een heel fragiele basis en
daar wil men verandering in brengen door de eigen productie van o.a.
voedsel en textiel aan te zwengelen.
Bron: UNDP Human Development Report 2009, World Development Indicators –
Wereldbank 2008 |
[auteur]: Roos De Witte en Isabel Wagemans
FOSFOR: inhoudstabel
Verrijkende ontmoeting tussen partners in Noord en Zuid
Internationale solidariteit in de praktijk brengen: dat is wat fos beoogt met de
solidariteitsbanden tussen onze partners in het Zuiden en de socialistische
beweging in Vlaanderen. Hoe zit dat nu met die praktijk?
De Federatie van Socialistische Mutualiteiten van Brabant en onze Ecuadoraanse
partner ForoUrbano zijn actief op vlak van armoedebestrijding,
grootstadproblematiek en bovenal: sociale strijd. Een uitwisseling in oktober
bracht beide organisaties dichter bij elkaar.
Wat vinden jullie van zo’n uitwisseling?
Pati: Het mooie eraan is dat je een wederzijdse relatie krijgt tussen landen en
mensen. Je leert van elkaar. Dat verrijkt de mensen en versterkt de
organisaties. Soms krijgen we bij zo’n bezoeken de vraag ‘waarmee kunnen we
jullie helpen?’. Ook in Spanje was dat zo. Ze zien ons precies als superarmen
die hulp nodig hebben. Wij laten hen echter niet enkel onze problemen zien, maar
ook ons potentieel. Eigenlijk vragen we niets: we gaan uit van een wederzijdse
relatie, vanuit het principe van solidariteit, niet van liefdadigheid.
Wat nemen jullie zeker mee uit België?
Sara: Het is een heel mooi land met heel wat historisch erfgoed. Brussel is ook
heel mooi en goed georganiseerd. Volgens mij zijn de mensen het voornaamste
kapitaal.
Pati: Wat me zeker zal bijblijven is de warme relatie met de mensen van hier.
Het cliché dat men in Europa koud of onverschillig is, is wat mij betreft zeker
doorbroken. De mensen zijn hier warm en gastvrij, zoals overal.
Patricio: Over het algemeen is het een heel georganiseerde samenleving, met veel
systemen voor welzijn en sociale bescherming. Maar die systemen zijn er niet
gekomen omdat het land rijk is: jullie hebben er ook een sociale strijd voor
moeten voeren en die rechten moeten veroveren. We zijn er wel bezorgd over dat
de mensen het niet genoeg naar waarde schatten. Er is naar verluidt een tendens
richting privatisering.
Is het een model voor jullie land?
Pati: Er zijn geen modellen. Elk land is anders. Jullie systeem is een goed
systeem voor jullie land. Hier kan 99% van de mensen aan het systeem bijdragen
omdat ze er de middelen voor hebben. Dat ligt heel anders in Ecuador, waar de
helft van de bevolking onder de armoedegrens leeft.
Patricio: En ondanks de grote solidariteit is er hier ook heel veel sociale
uitsluiting. We bezochten organisaties van armen en een opvangcentrum voor
vluchtelingen (het Klein Kasteeltje, nvdr). De levensomstandigheden van armen en
vluchtelingen zijn heel slecht, ondanks alle systemen.
Wat hopen jullie hier achter te laten na deze uitwisseling?
Sara: De kracht en goesting waarmee wij strijden voor sociale rechten. We hopen
ons enthousiasme door te geven voor jullie strijd voor het behoud van jullie
sociale rechten. Je mag die niet loslaten, je mag niet toelaten dat er
geprivatiseerd wordt en dat de solidariteit verdwijnt. Hopelijk kan ons
enthousiasme jullie inspireren.
Pati: Ook hier hebben we veel goesting en wil gezien: hier zijn er ook mensen
die sociale strijd leveren, zeker binnen de socialistische beweging, de mensen
van de mutualiteit, de mensen van de vakbond: mensen met heel veel engagement.
Wat ik letterlijk achterlaat, is onze nieuwe grondwet: die kan jullie zeker
inspireren!
[auteur] Isabel Wagemans
FOSFOR: inhoudstabel
Stel je eens voor: je woont in het Peruaanse Andesgebergte of
regenwoud. Wondermooi toch? Maar wat gebeurt er als je er ziek wordt? Dokters
werken niet graag in deze afgelegen, subtropische gebieden en de overheid kijkt
er niet naar om.
Dat is het verhaal van de koffieboeren in Peru. Maar het kan ook anders. De
koffieboeren verenigen zich in het Nationaal Koffieverbond en enkele keren per
jaar organiseren ze medische campagnes. Dan trekt een uitgebreid medisch team
van dokters en verplegend personeel voor een aantal dagen zelf naar de
koffieboeren. De gezinnen worden dan gratis behandeld en van medicijnen
voorzien. Waar een wil is, is een weg: dat tonen ze aan de overheid! De VoorZorg
Antwerpen heeft een partnerschap met de koffieboeren en maakte samen met fos een
reizende tentoonstelling die je meeneemt op campagne.
FOSFOR: inhoudstabel
Aandacht voor de situatie van de armsten in de grootstad, voor
inspraak van de gewone gebruikers in de gezondheidszorg, voor het in beweging
zetten van de politiek: op al deze vlakken klikt het tussen onze Ecuadoraanse
partner ForoUrbano en de Federatie van Socialistische Mutualiteiten van Brabant.
Geniet mee met het fotoverslag!
FOSFOR: inhoudstabel
Onze medewerkers in het Zuiden of op dienstreis, vrijwilligers,
deelnemers aan een uitwisseling of andere activiteiten … heel wat
fos-sympathisanten schrijven hun persoonlijke ervaringen en reflecties neer
volgens het blogprincipe. Een greep uit de wereldblogs:
fos-medewerkster Lieve Daeren bericht over leven, werken, welzijn en
gezondheid in Bolivia, Peru en Ecuador. Varkensgriep: epidemie of paranoia?
“Volgens het jaarrapport van Unicef 2009 sterven elk jaar meer dan een half
miljoen vrouwen aan zwangerschapscomplicaties en ongeveer 4 miljoen borelingen
sterven in hun eerste 28 levensdagen. De meeste van die sterfgevallen hadden
perfect voorkomen kunnen worden, indien regeringen meer prioriteit hadden
gegeven aan kwalitatieve primaire gezondheidszorg. Waarom heeft dit feit nog
nooit een wereldalarm veroorzaakt, met internationale ‘24 op 24 uur’
mediaberichtgeving?”
De Algemene Centrale heeft een solidariteitsband met een fos-partner in Cuba
en in Palestina. AC-medewerker Lieven Van Houtte blogt regelmatig tijdens hun
bezoeken.
“Vandaag bezoeken we de vakbondsopleiding en de kaderschool Lazaro Pena, genoemd
naar de eerste leider van de vakbond CTC. Het is een indrukwekkend complex waar
120 studenten cursus volgen. Met bibliotheek, aula, leslokalen, bureaus voor
lesgevers, slaapplaatsen in een hotel en ontspanningsruimte en een museum over
de geschiedenis van de vakbeweging. Alleen de sportvelden ontbreken, maar
daarvoor is het wellicht te warm…”
CFP verenigt bedrijven en ngo’s die samen werken aan maatschappelijk
verantwoord ondernemen. Inge Overmeer was diep onder de indruk van het bezoek
aan onze partner Women on Farms Project, die landarbeidsters op de boerderijen
rond Kaapstad verenigt.
“…de strijdvaardigheid en levenslust onder deze vrouwen is enorm. Dankzij het
Women on Farms Project zijn ze zich bewust van hun eigenwaarde en durven ze op
te komen voor hun rechten en voor die van anderen. Een klein voorbeeldje… een
van de vrouwen hoorde haar buurvrouw schreeuwen omdat haar man haar vermoorden
wou. Nu durfde deze vrouw de politie bellen om hen naar het huis van de
buurvrouw te sturen; daarvoor zou ze dat nooit gedurfd hebben… 'Girl power', dat
is het minste wat je zeggen kan. Go sisters go!”
Al deze blogs vind je op www.fos-socsol.be via ‘Nieuws’.
FOSFOR: inhoudstabel
Al sinds 1975 maakt Cuba werk van de integratie van mensen met
een handicap in de maatschappij en op de werkvloer. Rainiero en Oscar, beiden
blind, waren er van in het prille begin bij.
Rainiero Hidalgo en Oscar Doimeadíos vormen een dynamisch duo. Samen leiden ze
de beste beschutte werkplaats van het land. Rainiero is directeur en Oscar
syndicale secretaris van deze werkplaats in Holguín, in het oosten van het
eiland. In Cuba zijn mensen met beperkingen sinds 1978 georganiseerd in vier
verenigingen volgens het soort handicap: zicht, gehoor en spraak, motorische en
tenslotte mentale beperkingen. “Onze eerste taak was het aanleren van
brailletaal. Oscar was een heel goede leerling!” zegt Rainiero, die in zijn
provincie een trekkersrol speelde binnen de nieuwe organisatie. “In 1979
startten we met het eerste bedrijfje dat 17 thuiswerkers telde. Tegen 1985 waren
er in het hele land 10 goed georganiseerde bedrijven actief.” zegt Rainiero. Het
succes van deze initiatieven spoorde de overheid aan tot het oprichten van een
beschutte werkplaats in elk van Cuba's 164 gemeenten. Deze werkplaatsen maken
deel uit van de Provinciale Bedrijven van de Lichte Industrie (EPIL).
Volwaardige arbeiders
Vandaag zijn er 154 beschutte werkplaatsen, goed voor ongeveer 3.500
arbeidsplaatsen. Hiervan zijn er minstens 70% voorbehouden voor mensen met
beperkingen. Van bij de start van de beschutte werkplaatsen genieten de
arbeiders van dezelfde loonschalen en sociale voordelen als in de andere
staatsbedrijven. “Er is absoluut geen verschil, we worden als volwaardige
arbeiders beschouwd,” onderstreept Oscar. Een interessant gegeven, als je
bedenkt dat in België 20.000 werknemers in beschutte werkplaatsen pas tien jaar
geleden op een waardig minimumloon konden rekenen. De overige sociale rechten
(brugpensioen, eindejaarspremie, vergoeding bij economische werkloosheid, enz.)
hebben ze in ons land pas deze eeuw bekomen.
In Cuba zijn de beschutte werkplaatsen in principe een eerste stap naar een job
in een gewoon bedrijf. In de praktijk blijft de doorstroming echter laag omdat
weinig bedrijven aangepast zijn aan de beperkingen van deze werknemers.
Bovendien ondervinden mensen met beperkingen in deze bedrijven een zekere vorm
van misprijzen vanwege hun collega’s. “De doorstroming is heel laag, 1 tot 2%
per jaar. Hier werken ze in een veilige en vriendelijke omgeving. Vertrekken is
moeilijk,” zegt Oscar.
Kapotte machines
Maar niet alles is rozengeur en maneschijn. De werkplaatsen lijden mee onder de
moeilijke economische situatie van het land. Het gebrek aan buitenlandse
deviezen bemoeilijkt de aankoop van grondstoffen en halfafgewerkte producten in
het buitenland. Ook het vervangen van ouderwetse en kapotte machines is een
lijdensweg. “De regelmatige aanvoer van grondstoffen en het beschikken over goed
werkende machines zijn een noodzaak om de productielijnen aan de gang te houden
en technische werkloosheid te vermijden,” zegt Rainiero.
Venezuela en België
Het Provinciale Bedrijf van de Lichte Industrie in Holguín, dat 14 beschutte
werkplaatsen beheert, blijft echter niet bij de pakken zitten. Met behulp van
internationale samenwerkingsprojecten met Venezuela en België werkt ze aan de
verhoging van het aantal arbeidsplaatsen, de vervanging van de machines om de
productielijnen te diversifiëren en het verbeteren van de opleiding en
werkomstandigheden van de arbeiders. fos zorgt voor een startkapitaal in
deviezen om grondstoffen aan te kopen en financiert opleidingen en de aankoop
van nieuwe machines. De productie is nu meer op de deviezenmarkt gericht. De
winst wordt in nieuwe machines en de verbetering van de uitrusting van de
werkplaatsen geïnvesteerd. Elk jaar komen twee nieuwe werkplaatsen aan de beurt.
“Dit jaar zijn er 12 nieuwe arbeidsplaatsen en de onderbrekingen bleven heel
beperkt. We hebben een nieuwe productielijn van papier-maché opgestart en de
naaimachines zijn vernieuwd of hersteld”, zegt Oscar, kennelijk heel tevreden.
Maar er is er een vraag naar bijkomende steun voor de aankoop van een klein
busje om het woon-werkverkeer van de arbeiders te verbeteren. Het openbaar
vervoer in de provinciehoofdsteden van Cuba is nog steeds problematisch.
Aangepast vervoer voor mensen met beperkingen is er bijna helemaal niet. We
beloven bij de ambassades in Havana op zoek te gaan naar fondsen. “Bij je
volgende bezoek verwachten we dat je niet per vliegtuig uit Havana overkomt maar
in het busje!” lacht Rainiero.
[auteur] Yves Van Gijsel – fos Cuba
FOSFOR: inhoudstabel
Land: Chili
Ingrediënten voor 40 st.
20 velletjes bladerdeeg, 1 kg lamsgehakt, 2 sjalotten, 1 rode spaanse peper, 1
tl cajun kruiden, 1 mespunt komijnzaad, 1 mespunt karwijzaad, 1 tl koriander, 2
tl zout, chilisaus, bloem, water, plantaardige olie
Bereiding
Giet wat olie in een pan en bak de sjalotten aan tot ze licht gekleurd zijn.
Voeg het gehakt toe en roer goed. Meng alle kruiden en het zout er goed
doorheen. Probeer voorzichtig het vrijgekomen vet te verwijderen. Laat in een
kom het vleesmengsel afkoelen. Verwarm de oven voor op 180 graden. Rol telkens
vier blaadjes bladerdeeg uit op een met bloem bestrooide snijplank. Steek er met
een mes of met een glas rondjes uit met een doorsnede van 8 a 10 cm. Leg op de
helft van elk rondje een lepel gehakt en vouw dubbel. Bestrijk de randen met
water en plak goed vast. Leg het bakpapier op een ovenplaat. Bak de empanada’s
in een voorverwarmde oven van 180 graden. Serveer de ze warm met apart wat
chilisaus.
Wil jij je favoriete recept in deze rubriek bekendmaken? Stuur het dan naar
Lisa.Develtere@fos-socsol.be.
FOSFOR: inhoudstabel
Spots op:
Onze werking in het Zuiden en in Vlaanderen is enkel mogelijk door de inzet van
heel wat mensen voor en achter de schermen.
Woonplaats: Merelbeke
In het dagelijks leven: studente vioolbouw
Ook actief als: lid van VIVA-Bolivia! (www.vivabolivia.be)
Wat houdt dit in? We organiseren allerlei dingen zoals een lezing of een fuif,
om Bolivia onder de aandacht te brengen. Als er opbrengst is, gaat die naar fos
en de partner in Bolivia. Onze groep is ontstaan uit de inleefreizen en de
uitwisseling vorig jaar met de Bolivianen naar hier. Toen zijn we ook gastgezin
geweest voor een van de Boliviaanse bezoekers.
Hoe ben je hiermee begonnen? Ik ben twee jaar geleden meegeweest op inleefreis.
Ik had ervan gehoord via mijn vader die op de Bond Moyson werkt. Dan ben ik ook
een paar keer naar de groepsbijeenkomsten geweest, en voilà!
Waarom vind je het belangrijk om dit te doen?
Omdat het belangrijk is van de mensen hier bewust te maken. Hier is sociale
zekerheid zo vanzelfsprekend, het is zo gewoon dat je ziektekosten terugbetaald
worden. Maar dat is lang niet overal zo!
FOSFOR: inhoudstabel